Open voor orders

Prinsjesdag 2022, de onderbelichte financiële en fiscale zaken

Gepubliceerd op 22 sep 2022
door Joshua Clappers

Aan Prinsjesdag 2022 hangt een flink prijskaartje. Om de uitgaven te bekostigen, laat het kabinet het begrotingstekort tijdelijk oplopen. Volgend jaar bedraagt het begrotingstekort ongeveer 30 miljard euro, dat is net binnen de norm van 3% die de Europese Unie doorgaans hanteert. De staatsschuld blijft met 49,5% van het bbp wel ruim binnen de Europese afspraken, maar op de langere termijn ziet het er minder rooskleurig uit. Door de aanhoudende tekorten komt de staatsschuld in 2030 mogelijk wél boven de grens van 60% uit.

De rekening wordt onder andere gepresenteerd aan bedrijven en aan vermogenden (u als belegger). Zowel de vennootschapsbelasting als de belasting op het rendement van vermogen (box 3) gaan omhoog, en zal het fictieve rendement omstreeks 2026 van de baan zijn.

Economische groei met een slag om de arm

Ondanks dat we te maken hebben met een begrotingstekort van 30 miljard, gaat het kabinet uit van 4,5% economische groei voor 2022, en voor 2023 verwacht het kabinet een groei van 1,5%. Zoals ik al eerder aankaartte is de term “economische groei” ook onderhevig aan inflatie, aangezien de “groei” uitsluitend is te danken aan een goedkope euro, waardoor het aantrekkelijk wordt voor niet-eurolanden om (meer) te importeren.

Een slag om de arm, omdat onze economie in hoofdzaak afhankelijk is van concurrentievermogen, en dat alles is weer afhankelijk van de energieprijzen. Voor de huishoudens ligt er een uitgebreid pakket klaar, maar het kabinet heeft nog geen plannen getroffen voor het bedrijfsleven. De komende weken wordt hoogstwaarschijnlijk ook een plan opgetuigd voor de ondernemers, maar of dit voorziet in de prangende behoeften is nog maar de vraag.

De inkomstenbelasting gaat nihil omlaag en de vennootschapsbelasting stijgt fors

Het tarief van de eerste inkomstenbelastingschijf voor inkomens tot 70.000 euro wordt verlaagd met 0,11%. Kortom, een lachertje. Daar waar de overheid massaal met geld strooit om de Nederlandse burgers te voorzien in hun koopkrachtbehoud, blijft de enorme belastingdruk ongewijzigd. Door de energietoeslag, stijgt namelijk de marginale druk op arbeid; meer werken loont minder.

De vennootschapsbelasting zal in 2023 fors stijgen. De eerste tariefschijf wordt vanaf 1 januari 2023 verkleind van €395.000 naar €200.000. Tevens gaat het tarief van de eerste schijf omhoog van 15% naar 19% per die datum. Deze verhoging vormt met name voor het MKB een grote belemmering nu het kabinet nog geen plan heeft getroffen voor het bedrijfsleven.

De jubelton wordt gefaseerd afgeschaft

In 2022 kan iemand een eenmalige schenking doen van € 106.671 aan iedereen die tussen de 18 en 40 jaar is voor de koop van een eigen woning. Per 1 januari 2023 kan nog eenmalig een schenking worden gedaan tot een bedrag van € 28.947 voor de aankoop van een eigen woning. Vanaf 1 januari 2024 zal deze vrijstelling volledig worden afgeschaft, om bij te dragen aan een eerlijker speelveld op de woningmarkt. In theorie zou het moeten bijdragen aan een eerlijker speelveld op de woningmarkt, maar dan rest nog altijd de vrijstelling ouder-kindschenking van 27.231 euro. Het jubeltonnetje maakt eigenlijk plaats voor het jubel(kwart)tonnetje.

De vermogensrendementsheffing (box 3) gaat omhoog en wetgeving in de maak voor heffing op grond van werkelijk rendement

Het tarief in box 3, waar goud en zilver in vallen, zal jaarlijks worden verhoogd met 1% tot een tarief van 34% is bereikt (2022: 31%) – over het fictieve rendement van 5,33%. Verder wordt het heffingsvrije vermogen verhoogd van €50.000 naar €57.000 per 1 januari 2023. Tenslotte wordt gewerkt aan nieuwe wetgeving die zal gaan belasten op grond van werkelijk rendement. Het streven is deze wetgeving per 2026 te kunnen invoeren. Tot die tijd zal overbruggingswetgeving worden opgenomen op basis van de werkelijke vermogensmix.

Het tijdperk van fictief rendement zal vroeg of laat ten einde komen, en u als belegger zal belast worden o.b.v. werkelijk behaald rendement.

Ter illustratie:
(2022): Stel u heeft een belegd vermogen van €100.000, dan gaat de fiscus uit van een fictief rendement van 5,33% en hierover wordt een tarief van 31% geheven. Er is sprake van €50.000 heffingsvrij vermogen, wat neerkomt op vermogensrendementsheffing van €826. Ofwel een effectief tarief van 0,8-1,2%, ongeacht het feit of u geen of juist een heel hoog rendement behaalt.

2026: Stel wij hebben over dit kalenderjaar een rendement van 15% behaald over een vermogen van eveneens €100.000; over dit rendement (€15.000) wordt nu 34% geheven. Dit komt neer op een vermogensrendementsheffing van €5.100. Ofwel een effectief tarief van 4,43%.

Kortom, uw vermogen zal de komende jaren aanzienlijk meer belast worden. Mijns inziens een geheel logische reactie op de enorme vermogensongelijkheid dat ons land kent. Het is belangrijk voor onze economie en de meeste medemensen, dat arbeid weer gaat lonen en daar lever ik als belegger graag wat voor in.

Joshua Clappers

Redacteur

Joshua is actief geweest als professioneel trader in de commodity en energy markets. Joshua heeft buitengewone interesse in financiële markten.

Opvattingen op basis van gepubliceerde artikelen of nieuwsberichten zijn puur informatief. De vrijblijvende informatie mag niet worden opgevat als een aanbod, beleggingsadvies of enige andere financiële dienst.

Open account Mijn D&K Klantenservice